Verhalen

Malaria bedreigt kinderen in Congo

“Gelukkig wordt mijn kind weer helemaal beter. Ik wil niet nog een kind verliezen aan de ziekte.” – Jeanne, een ontheemde Congolese moeder.

Jeanne heeft haar jongste kind Shadrack meegenomen naar een gezondheidscentrum in Vilo, een afgelegen dorp in het oosten van D.R. Congo. Ze was bang dat hij haar tweede kind zou zijn dat aan de ziekte zou overlijden. Een paar uur na de behandeling ziet ze tot haar opluchting dat Shadrack begint op te knappen.

Shadrack (9) herstelt van malaria in een door Medair ondersteund gezondheidscentrum in het oosten van D.R. Congo

Veel zorgen
Hij ligt met zijn ogen open op een bruine matras van kunstleer. Er zit een slang in zijn rechterhandje en het infuus hangt aan een houten standaard naast het bed. Zijn gezicht glimt van het zweet. “Ik maakte me zo veel zorgen. Hij was erg zwak en had hoge koorts. Hij moest overgeven en was enorm aan het zweten,” vertelt Jeanne in haar eigen taal. Rachel, de patiënt in het bed naast Shadrack, vertaalt naar het Frans: “Toen hij vanmorgen aankwam, had hij een bleke huid en lippen en waren zijn oogleden zwaar.”

Malaria is een levensbedreigende ziekte die door muskieten overgedragen wordt. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie waren er in 2019 wereldwijd 229 miljoen gevallen van malaria en stierven 409.000 mensen aan de ziekte.

Zwanger van haar elfde kind
De familie van Shadrack is maanden geleden op de vlucht geslagen en leeft sindsdien in een ontheemdenkamp. “Thuis hadden we een muskietennet, maar dat konden we niet meenemen toen we moesten vluchten,” vertelt Jeanne. Ze is hoogzwanger van haar elfde kind, maar werkt nog steeds als dagloner op een boerderij in de buurt om haar gezin te onderhouden.

Kwetsbaarder
Het ontheemdenbestaan is zwaar en dat leidde ertoe dat Shadrack en zijn familie veel kwetsbaarder zijn voor malaria. Ze hebben niet de beschikking over water om zich te wassen en er zijn geen goede sanitaire voorzieningen. Deze mensen hebben een groter risico op veel voorkomende ziekten zoals diarree en acute luchtweginfecties dan wanneer ze thuis in hun eigen dorp zouden wonen.

Niet nog een kind verliezen
Jeanne is dankbaar voor de aanwezigheid van een gezondheidscentrum vlakbij het kamp, waar gratis zorg geboden wordt. Daardoor hoeft ze niet op zoek te gaan naar traditionele geneeswijzen. “Ik ben zo blij dat hij er niet meer zo bleek uit ziet. Zijn broer is overleden omdat we met hem niet snel genoeg naar het ziekenhuis konden gaan. We wilden hem erheen gaan dragen, maar op de dag voordat we zouden gaan is hij gestorven,” zegt Jeanne. Als ze verder vertelt, komt er een glimlach op haar gezicht: “Gelukkig wordt mijn kind weer helemaal beter. Ik wil niet nog een kind verliezen aan de ziekte.”

Zorgdrempel
In afgelegen gebieden in de provincies Ituri en Noord-Kivu in D.R. Congo moeten de meeste mensen meerdere kilometers lopen, fietsen of rijden om een zorglocatie te bereiken. Het is een wisselend landschap met heuvels, dichte bossen en open savanne. De fysieke ontoegankelijkheid, geldgebrek en / of onveiligheid zijn een drempel voor mensen uit conflictgebieden om gezondheidszorg te krijgen.

Medair ondersteunt gezondheidscentra
Om het ziektecijfer en het sterftecijfer onder de door conflict getroffen mensen in de provincies Noord-Kivu en Ituri te verlagen, ondersteunt Medair gezondheidscentra. Zo kan daar gratis of gesubsidieerde zorg geboden worden. De ondersteuning omvat levering van medicijnen en apparatuur, training voor zorgverleners, financiële stimulansen, begeleiding en kleine herstelwerkzaamheden voor een afdoende toegang tot water en goede sanitatie, hygiëne en afvalverwerking.


De ondersteuning door Medair in de provincies Ituri en Noord-Kivu in D.R. Congo worden ondersteund door het Amerikaanse Office for Foreign Disaster Assistance en particuliere donateurs.

Voor deze inhoud is gebruik gemaakt van informatie van Medair-medewerkers in het veld en op het hoofdkantoor. De zienswijzen in dit bericht vallen onder de verantwoordelijkheid van Medair en dienen op geen enkele wijze beschouwd te worden als de officiële opvatting van enige andere organisatie.